Nieuw kabinet, nieuwe arbeidsmarktplannen

Er ligt een nieuw coalitieakkoord (2026–2030) waarin stevige ambities rondom de arbeidsmarkt staan beschreven. Belangrijk om te weten: dit zijn allemaal plannen. Veel moet nog worden uitgewerkt én er is steun nodig in Tweede en Eerste Kamer. De uiteindelijke wetgeving kan dus zeker nog veranderen. Toch is het slim om nu al te weten wat er op je af kan komen als werkgever. Hieronder zetten we de belangrijkste plannen op een rij, met een onderscheid tussen korte termijn en (middel)lange termijn.

Korte termijn

1. Loondoorbetaling bij ziekte

De discussie over het verkorten van loondoorbetaling van 2 jaar naar 1 jaar lijkt (voor nu) niet de uitkomst. In het coalitieakkoord staat wél dat het kabinet met voorstellen komt om loondoorbetaling bij ziekte werkbaarder te maken voor werkgevers, met name in het mkb. Denk aan het wegnemen van belemmeringen in de Wet verbetering poortwachter, minder administratieve last en meer duidelijkheid over verplichtingen en sancties met als doel snellere re-integratie.

2. Hervorming transitievergoeding

De transitievergoeding moet weer gaan doen waarvoor die ooit bedoeld was: de stap van werk naar werk ondersteunen. Het plan is om de vergoeding (in elk geval qua besteedbaarheid) te koppelen aan Leven Lang Ontwikkelen. Dat betekent op tijd investeren in bij-/omscholing of re-integratie, dan kun je mogelijk minder of zelfs geen transitievergoeding hoeven betalen. Hoe dat precies gaat werken, dat moet nog uitgewerkt worden. Daarbij komt nog dat de coalitie de compensatie van de transitievergoeding wil afschaffen na 2 jaar ziekte voor álle werkgevers per 2028.

3. De WW-uitkering

De plannen wijzen op een Werkloosheidsuitkering (WW) die korter en actiever wordt. Zo wordt onder meer gesproken over het verkorten van de maximale WW-duur naar 1 jaar (voorgenomen per 1 januari 2028). Ook ligt er een voorstel om de uitkering in de eerste twee maanden te verhogen naar 80% (voorgenomen per 1 januari 2030). Daarnaast wordt gekeken naar strengere toegangseisen, bijvoorbeeld door de referte-eis aan te passen naar 42 gewerkte (of gelijkgestelde) weken in de voorafgaande 52 weken.

4. Vereenvoudigen van de WIA-uitkering

Het arbeidsongeschiktheidsstelsel wordt door deskundigen als ‘onuitvoerbaar’ beschouwd. Het kabinet wil maatregelen voor uitvoerbaarheid en menselijke maat, zoals investeren in preventie, betere samenwerking tussen verzekerings- en bedrijfsarts en strengere voorwaarden rond herbeoordelingen. Opvallend: het plan is ook dat de IVA voor nieuwe gevallen wordt afgeschaft, zodat de WIA volgens het akkoord niet verder vastloopt.

5. Duidelijkheid en regulering ZZP

Het kabinet wil meer duidelijkheid creëren over werken met ZZP’ers en de grens met werknemerschap, en kiest daarbij expliciet voor een gefaseerde aanpak. De conceptwet VBAR wordt opgeknipt. Eerst wordt een rechtsvermoeden van werknemerschap ingevoerd, waarna het overige deel wordt vervangen door de Zelfstandigenwet, die stapsgewijs wordt ingevoerd om de onduidelijkheid rond schijnzelfstandigheid (Wet DBA) te verminderen. De Zelfstandigenwet moet meer rechtszekerheid bieden voor ZZP’ers en opdrachtgevers en werkt met drie toetsen: de zelfstandigentoets, werkrelatietoets en een sectorale toets. Hiermee wil het kabinet voorkomen dat het plan weer jaren op de plank blijft liggen. Daarnaast blijft het kabinet inzetten op een verplichte basisverzekering arbeidsongeschiktheid voor zelfstandigen (BAZ), met een opt-out bij een private verzekering. Tot slot wil de coalitie uitstroom naar ZZP in (semi-)publieke sectoren beperken, onder meer via goed werkgeverschap en sociale innovatie.

6. Stagevergoeding wettelijk vastleggen

Nu is een stagevergoeding niet vastgelegd in de wet. Het kabinet wil een wettelijke stagevergoeding en onderzoekt ook een stagefonds voor tekortsectoren.

(Middel)lange termijn

7. Werk naar werk nieuwe hoofdroute

De coalitie wil dat een overstap naar ander werk makkelijker en sneller wordt, zodat minder situaties eindigen in langdurige werkloosheid. Daarvoor komen er maatregelen die werkgevers en werknemers meer ruimte moeten geven om eerder te bewegen, met meer maatwerk bij ontslag en reorganisatie en een aanscherping van het concurrentiebeding. Scholing speelt daarin een grote rol. Op korte termijn komt er een gerichte regeling voor beroepen met veel vraag, en op lange termijn wordt toegewerkt naar persoonlijke leerrechten waarmee mensen structureel kunnen blijven ontwikkelen.

8. AOW-leeftijd

Het kabinet wil dat de AOW-leeftijd per 1 januari 2033 direct gekoppeld wordt aan stijgende levensverwachting, dus niet meer met 2/3. Er komt wel een regeling voor mensen met een zwaar beroep.

9. Arbeidsmigratie beter organiseren

In analyses over het akkoord wordt de richting geschetst: meer grip op arbeidsmigratie en harder optreden tegen misstanden (huisvesting, afhankelijkheid, handhaving). Concrete werkgeversplichten moeten nog worden uitgewerkt.

10. Aanpak arbeidsmarktdiscriminatie

Het akkoord benadrukt dat arbeidsmarktdiscriminatie steviger moet worden aangepakt en dat werkgevers daarin een duidelijke verantwoordelijkheid hebben. Dit sluit aan bij de Europese regels rond loontransparantie. In tegenstelling tot de kabinetsplannen in dit artikel staat deze wetgeving al vast: de EU-richtlijn is al van kracht en lidstaten moeten de regels uiterlijk op 7 juni 2026 in nationale wetgeving hebben omgezet.

Tip: lees hier meer over loontransparantie

Even sparren?

Dit kabinet heeft grote voornemens, maar de uitwerking moet nog volgen. Benieuwd wat deze mogelijke veranderingen betekenen voor jouw organisatie en welke stappen je nu al kunt zetten? Neem contact op met Please. We kijken graag met je mee.

Ilse Vermeulen - arbeidsjurist bij Please

Gerelateerde artikelen

Please, partner in personeelszaken

Waarom ondernemers hun personeelszaken uitbesteden

Jaap Wijnings new business developer | Please

Waarom een accountant alléén niet genoeg is

Belastingvrij vergoeden - Munten op stapels

Belastingvrij vergoeden aan een medewerker? Het kan je duur komen te staan

Terras buiten waar mensen zitten te drinken en eten.

Snel “extra handjes” werven voor het komende terrasseizoen? Niet doen!