Hét alternatief voor de bank: de coöperatieve kredietunie

MKB groei personeel financiering kredietunie Op steeds meer plekken in Nederland zien ze het licht: coöperatieve kredietunies. Soms op initiatief van de provincie of een gemeente, soms op dat van een aantal (oud)ondernemers. Doel is het verstrekken van kredieten aan mkb-ondernemers die om wat voor reden dan ook geen normaal bankkrediet kunnen krijgen. Robert Wielinga, partner bij het Centrum voor Bedrijfsopvolging en ondernemerscoach, was de afgelopen jaren nauw betrokken bij de oprichting van de Coöperatieve Vereniging Kredietunie Groningen.
“Ik weet niet hoe vaak ik het de laatste jaren gehoord heb”, zegt Robert Wielinga bij een cappuccino in het schouwburgcafé in Drachten. “Ik kom bij heel veel mkb-ondernemers over de vloer en bijna altijd beginnen ze over hun bank. Hoe vroeger de schuifdeur bijna automatisch openging als ze geld nodig hadden en dat ze een goede accountmanager hadden die ze geregeld spraken. En hoeveel lastiger dat allemaal geworden is als gevolg van de kredietcrisis. Het is te begrijpen dat het al te risicovol verstrekken van leningen door banken aan banden is gelegd, maar de rekening daarvan is wel heel erg op het bordje van de mkb-ondernemer terecht gekomen.”

Toen de provincie en de gemeente Groningen Wielinga vroegen of hij (onbezoldigd) kwartiermaker wilde worden van een nieuw op te richten kredietunie, hoefde hij dan ook niet heel lang na te denken. Hij zegt: “Kijk, ik snap die banken best. Er is genoeg geld, dat is het probleem niet. Maar wat moet je als een mkb-ondernemer 80.000 euro nodig heeft voor een nieuwe machine, terwijl hij als gevolg van de crisis al twee jaar maar kantje boord quitte draait? Voordat je als bank die kredietaanvraag hebt beoordeeld, staan er aan uren al duizenden euro’s interne kosten op de lat. Dat kunnen ze met de huidige rentestand en hun verzwaarde zorgplicht nooit terugverdienen. Kortom: er is echt behoefte aan een alternatief op maat voor het mkb. Daar geloofde ik in en daar ben ik mee de boer op gegaan.”
“Er is echt behoefte aan een alternatief op maat voor het mkb. Daar geloofde ik in en daar ben ik mee de boer op gegaan”

Op de zeepkist
Van januari tot september 2014 besteedde Wielinga alle beschikbare tijd aan het formeren van een goed bestuur en aan het leggen van contacten met ondernemers en lokale banken. “Ik moest op zoek naar echte financiële expertise, want al ben ik als ondernemer door de wol geverfd, ik ben niet financieel geschoold”, vertelt hij. “Uiteindelijk wist ik een voormalige directievoorzitter van een lokale bank, een jurist, een voormalige financiële man van een grote uitgever, twee accountants en twee ondernemers te strikken.

Gezamenlijk hebben we voldoende geld opgehaald om de zaak organisatorisch op poten te kunnen zetten en vormen we nu het bestuur van Kredietunie Groningen. We kregen zelfs financiële support van de lokale banken, omdat ze blij waren dat wij iets oppakten waarvoor zij eigenlijk geen speelruimte meer zagen.”

Wielinga wist de oprichting van zijn kredietunie flink te versnellen door contact op te nemen met een vergelijkbaar initiatief in de Achterhoek, Naoberkrediet. “Zij liepen een half jaar op ons voor, en uiteindelijk hebben wij voorgesteld dat wij een groot deel van hun model zouden kopiëren, en de door hen gemaakte externe kosten zouden delen. De coöperatieve gedachte in optima forma. Dat heeft prima gewerkt en als anderen ons model willen gebruiken zijn ze ook van harte welkom. Ons doel is namelijk niet om concurrentie buiten de deur te houden, maar ervoor te zorgen dat mkb’ers in den lande weer toegang krijgen tot geld.”

Daarnaast klom Wielinga naar eigen zeggen ‘veelvuldig op de zeepkist’ bij business clubs en ondernemersverenigingen om entrepreneurs over te halen geld beschikbaar te stellen. “Op die manier hebben we ongeveer zeven ton opgehaald. Ons streven is de inleggers daar 3% dividend over te betalen. Ook hebben we een afspraak met de Provincie en de Economic Board Groningen, die de NAM-gelden beheert. Van elke euro die wij uitlenen, kunnen wij respectievelijk 50% en 75% lenen bij deze partijen, tegen een rente van eveneens 3%. Heel flexibel, dus op het moment dat we het nodig hebben, en in tranches van willekeurige grootte. We hebben dus nooit geld op een bankrekening staan dat minder rendeert dan wat we moeten betalen. Dankzij deze regeling hebben we nu meer dan 2,5 miljoen euro op afroep beschikbaar om mkb-ondernemers te helpen in de regio.”

Klankborden
Dat helpen is overigens wel aan strenge regels verbonden, zegt Wielinga. “We lenen geld van een ander uit, dus net als bij de bank kijken we heel goed naar het plan en de man of vrouw erachter, voordat we een krediet verlenen. Zo beoordeelt een intakecommissie eerst het businessplan, inclusief de financiële paragraaf, en verzamelt zij alle noodzakelijke bescheiden zoals jaarstukken en de KvK-inschrijving. Een aantal commissieleden gaat ook bij de ondernemer op bezoek om een beeld te krijgen van zijn of haar ondernemerschap. Daarna gaat het dossier naar een kredietbeoordelingscommissie, die nog eens met frisse blik bekijkt of er sprake is van voldoende verdiencapaciteit om de rente en aflossing te betalen.

Bij twijfel kijken ze ook naar het betalingsverleden van de ondernemer, en gaan ze zo nodig in gesprek met de ondernemer om te kijken of en hoe het plan mogelijk beter onderbouwd kan worden. Als de kredietaanvraag tot slot wordt toegewezen, krijgt de ondernemer er verplicht een coach bij. Wij zorgen ervoor dat de coach echt iets toevoegt. Dat kan iemand zijn met een specifieke financiële expertise, maar bijvoorbeeld ook een marketeer – al naar gelang wat nodig is. Zo’n coach is een ervaren ondernemer waar je eens per maand of twee maanden mee kunt klankborden. Eigenlijk heel logisch: achter elke topsporter staat toch ook een coach?”

Die intensieve begeleiding van het proces van de kredietaanvraag en het aanbieden van een coach ziet Wielinga als een duidelijke meerwaarde ten opzichte van het proces bij de bank. “Het is allemaal veel persoonlijker. Je moet ook echt lid worden van de vereniging om te kunnen lenen, net zoals je lid moet worden om geld te kunnen inleggen.. We kennen een ALV en een Ledenraad die toezicht houdt op het bestuur. Je bent onderdeel van een structuur en je krijgt bij Kredietunie Groningen meer dan een zak geld alleen.”

Relatief onbekend
Eind 2016 verwacht de Coöperatieve Vereniging Kredietunie Groningen ruim een miljoen euro aan ondernemerskredieten te hebben verleend, aan in totaal tien aanvragers. “Dat is min of meer het begrootte bedrag, maar wel uitgeleend aan minder ondernemers dan we ingeschat hadden”, zegt Wielinga. “Het fenomeen kredietunie is nog relatief onbekend, en het probleem is dat we geen groot marketingbudget hebben om veel reclame te maken. We lenen geld uit tegen 9% en betalen 3% aan de inleggers. Van het verschil, 6%, gaat 4% in de zogenaamde ‘stroppenpot’, voor het geval een ondernemer niet meer aan de terugbetalingsverplichting kan voldoen. Dat betekent dat er 2% over is om een bescheiden organisatie te runnen.”

Niettemin verwacht Wielinga op termijn een doorbraak van de kredietunie als financieringspartij. “We zien in toenemende mate dat ondernemers bijvoorbeeld een ton financiering bij ons doen, en met die ton als toezegging op zak ineens wél de tweede benodigde ton bij de bank kunnen ophalen. Gewoon omdat de bank dan weet dat er heel zorgvuldig naar het plan is gekeken, en de ondernemer ook nog eens wordt gecoacht.”

Ook mkb’er en wilt u groeien met uw bedrijf? Denk dan eens na over payrolling.

Lees verder in het Please Magazine 10