Terug naar overzicht

Zo start je een goedlopend horecabedrijf

Ruim 4 jaar geleden startten horecaondernemers Jelle de Jongh en Roland Lorenzini Stout eten en drinken in het pittoreske Brabantse dorpje Aarle-Rixtel. Inmiddels weten gasten van ver uit de omliggende regio Stout te vinden voor een mooie lunch op het terras, een borrel of een ‘bistronomisch’ diner. Een slimme crowdfunding-actie lag mede ten grondslag aan dit succes. “Veel klanten zijn echte ambassadeurs van onze zaak.” 

Van collega tot compagnon

Het kost enige moeite om een afspraak te maken met Jelle de Jongh – hij is kort tevoren vader geworden en het is “sorry, éven een beetje hectisch hier”. Maar eenmaal aan de praat in zijn modern ingerichte zaak is hij de rust zelve. “Het kan hier soms behoorlijk druk zijn”, zegt hij. “Maar ik krijg er ook veel energie van. Mijn compagnon Roland Lorenzini is chef en staat in de keuken. Ik doe alles daar omheen: het coördineren van de bediening, maar ook het klantcontact en de catering op locatie. Ik ben dus geregeld buiten de deur.”

De Jongh en Lorenzini kennen elkaar al geruime tijd. Ze waren enkele jaren als collega’s werkzaam in Chalet Lohengrin in Aarle-Rixtel. “We konden het goed vinden en zaten ’s avonds weleens samen aan de bar, te praten over wat anders kon en beter”, vertelt De Jongh.“ Maar heel concreet werd dat verder niet.”

De gesprekken kwamen weer op gang en toen liepen we tegen dit pand aan

Dat veranderde een aantal jaren later. De Jongh baatte op dat moment een café en conferentieoord uit, en liep Lorenzini via via weer tegen het lijf. “De gesprekken kwamen weer op gang en toen liepen we tegen dit pand aan”, zegt De Jongh. “We zijn toen om de tafel gaan zitten met de eigenaar en hebben met hem onze plannen besproken. We waren het er vrij snel over eens dat er in Aarle-Rixtel zeker nog ruimte was voor een Grand Café-achtige formule waar mensen ’s avonds lekker kunnen dineren, maar overdag ook lekker kunnen lunchen en borrelen.”

‘Dakpan-deal’

Er was wel één klein probleem: geen van beide ondernemers beschikte over voldoende startkapitaal. De Jongh: “De pandeigenaar wilde investeren in een verbouwing, maar gaf wél aan dat hij ook van ons een investering verwachtte voor de inrichting van de zaak en de keuken. We zijn toen gaan nadenken over de beste manier om het benodigde startbedrag bij elkaar te brengen en kwamen uit op crowdfunding. Waarom niet ons persoonlijke en zakelijke netwerk vragen ons te steunen, tegen een aantrekkelijke tegenprestatie?”

De beste manier om ons startbedrag bij elkaar te krijgen was via crowdfunding

En zo ontstond het idee voor de ‘dakpan-deal’: investeerders kochten een virtuele ‘dakpan’ van het nieuwe pand voor 1000 euro en kregen daarvoor een rendement van 7% per jaar, uit te keren in dinercheques. De Jongh: “Een mooie deal aan beide kanten: 7% is een prima dividend voor een belegging, terwijl het voor ons aantrekkelijk is omdat we de rente niet volledig in cash hoeven terug te betalen. Van die 70 euro is namelijk ongeveer 50% inkoop (denk aan producten en personeel), de rest zijn uren die je toch al maakt.”

Geen klant maar ambassadeur

Uiteindelijk lukte het beide ondernemers zo’n 150 ‘dakpannen’ weg te zetten. De Jongh: “Helemaal vanzelf ging dat natuurlijk niet: ik heb heel wat kopjes koffie moeten drinken om mensen over de streep te trekken. Maar het was goed geïnvesteerde tijd, want daardoor is de betrokkenheid van onze investeerders bij Stout enorm gegroeid. Veel klanten zijn inmiddels echte ambassadeurs van onze zaak: ze komen niet alleen geregeld eten, maar nodigen ook familie of vrienden uit, geven dinercheques cadeau, enzovoorts. Kortom, die ‘dakpan-deal’ heeft er zeker aan bijgedragen dat we hier in relatief korte tijd zo’n succesvol concept hebben kunnen neerzetten.”

‘Groei en flexibiliteit’

De Jongh vindt payrollen ideaal voor horecaondernemers. “Je moet superflexibel kunnen zijn: het ene weekend heb je 20 man nodig voor een grote cateringklus, het volgend weekend draai je alleen de zaak en heb je aan 5 man ook genoeg”, zegt hij. “We werken hier veel met scholieren, en dat is altijd prima geregeld.”

Je personeelsinzet moet superflexibel zijn, daarom is payroll ideaal

Persoonlijk contact

Alle circa 30 oproepkrachten én de 3 medewerkers in vaste dienst van Stout staan bij Please op de payroll. “Ik doe al 12 jaar zaken met Please”, zegt De Jongh. “Ik herinner me nog hoe ik destijds het contract tekende voor de allereerste medewerker van mijn cateringbedrijfje, in het toenmalige Please-kantoor in kasteel Croy. Please is natuurlijk flink gegroeid gedurende al die jaren, maar ik heb nooit het gevoel gehad dat de groei ten koste is gegaan van het persoonlijke contact. En dat vind ik heel belangrijk, want ik merk in andere zakelijke contacten dat juist het persoonlijke ervan af gaat als het druk is.”

En de toekomst? Die ziet er zonnig uit voor Stout. De Jongh: “We voorzien duidelijk in een behoefte – niet alleen in een relatief klein dorp als Aarle-Rixtel, maar ook in de regio. Het is superleuk om te zien dat zoveel mensen de moeite nemen om vanuit omringende dorpen en steden bij ons te komen te eten. Daar had ik 5 jaar geleden niet op durven hopen.”

Dit artikel is afkomstig uit onze eigen Please Magazine, een inspirerend blad over ondernemen en werkgeven. Wil je het magazine twee keer per jaar als eerste ontvangen? Schrijf je dan hier in! Heb je  een vraag over payroll en wat het voor jouw (horeca)bedrijf kan opleveren? Neem gerust contact op met ons via 0492 388 888 of via info@please.nl.